Dominique Day licht voorlopig rapport VN-panel toe

‘Gebrekkige kennis Belgische koloniale geschiedenis is belangrijke oorzaak van structurele ongelijkheid’

©  katia ruiz

 

Ze schuwen de controverse niet. ‘De Belgische overheid moet zich verontschuldigen voor de misdaden begaan tijdens de kolonisatie’ en ‘discriminatie op basis van ras is endemisch in de Belgische instellingen’. De conclusies van de VN-werkgroep die racisme en discriminatie van mensen van Afrikaanse origine onderzocht in België gaf onmiddellijk stof tot debat. MO* sprak met Dominique Day, één van de VN-experten over wat zij wel en niet zag in ons land.

‘Je moet het verband begrijpen tussen de stabiliteit in België en de instabiliteit in Congo’, stelt de Amerikaanse mensenrechtenadvocate wanneer gevraagd naar wat dan wel kenmerkend is voor discriminatie van mensen van Afrikaanse origine in tegenstelling tot andere minderheden. Afrofobie en de discriminatie van deze minderheid heeft volgens haar diepe historische wortels. België moet de eigen geschiedenis onder ogen zien om vervolgens de endemische discriminatie weg te werken.

‘De gebrekkige kennis van de Belgische koloniale geschiedenis is een belangrijke oorzaak van de structurele ongelijkheid in ons land.’

‘De slavenhandel en de kolonisatie waren bouwstenen van een mondiaal economisch systeem waar we vandaag nog altijd deel van uitmaken. Eeuwenlang gebruikte men een discours om de onderdrukking van een aantal landen en mensen te verantwoorden. De denkkaders die we vandaag hanteren vloeien hieruit voort. Hierdoor krijgen mensen door hun huidskleur nog steeds kansen minder kansen. Een gebrekkige kennis van de Belgische koloniale geschiedenis is volgens haar een belangrijke oorzaak van de structurele ongelijkheid in ons land.

Day en haar collega’s van het VN-panel voor mensen van Afrikaanse afkomst hebben er een drukke week opzitten. Van 4 tot 11 februari bezochten ze Antwerpen, Charleroi, Luik, Namen en Brussel. Ze praatten met vertegenwoordigers van lokale, regionale en nationale overheden, ngo’s en burgerorganisaties over de sociale, economische en culturele rechten van de Afrikaanse gemeenschap in ons land. Het finale rapport publiceren ze in september, maar de voorlopige vaststellingen en adviezen komen hard aan. België heeft werk aan de winkel.

Was u dan verrast over de manier waarop Belgen omgaan met het koloniale verleden?

Dominique Day: Jawel. De discriminatie van mensen van Afrikaanse origine was zichtbaar op terrein. In België slaagt men er niet in het verband te leggen tussen bestaande vooroordelen en discriminatie enerzijds en de omgang met de eigen koloniale geschiedenis anderzijds. Ik begrijp dat het niet makkelijk is om gepast om te gaan met de verantwoordelijkheid voor de dood van miljoenen mensen. Het is makkelijker onszelf iets wijs te maken, dat begrijp ik.

‘In plaats van een output op basis van verdiensten zagen we te vaak een output op basis van kleur.’

Ik geloof dat mensen hier echt wel willen dat iedereen gelijke kansen krijgt, op school, op de arbeidsmarkt. Maar toch is men blind voor de kansarmoede zelfs bij mensen van Afrikaanse origine die al twee of drie generaties hier wonen. Ze spreken perfect Nederlands of Frans en moeten horen dat ze de job niet krijgen omdat ze de taal nog onvoldoende spreken. Mensen met universitaire diploma’s die noodgedwongen als arbeider aan de slag moeten. Jongeren die ondanks uitstekende punten een negatief studieadvies krijgen. In plaats van een output op basis van verdiensten zien we te vaak een output op basis van kleur.

We waren erg geschrokken, niet enkel van de verschillen die mensen ervaren, maar ook hoe hardnekkig de discriminatie verdedigd wordt. We legden getuigenissen voor aan vertegenwoordigers van de regering en overheid. Zo zeiden we dat we signalen opvingen dat mensen met een andere huidskleur discriminatie op de arbeidsmarkt ervaren. We kregen te snel als antwoord dat het gaat over mensen die de taal niet machtig zijn. Maar dat zijn ze vaak wel. Het gaat wel degelijk over mensen van de tweede of zelfs derde generatie.

Te snel veronderstelt men dat iemand met een andere huidskleur niet de juiste competenties heeft. We vragen ons af in welke mate de veronderstelling dat ze de taal niet machtig zijn gebaseerd is op stereotypen in plaats van objectieve feiten. Je moet als overheid het onderscheid kennen tussen feiten en vooroordelen. Maar zonder de juiste data is dat moeilijk. Daarom raden we de Belgische overheid aan om meer gegevens te verzamelen. Vervolgens zijn transparante procedures nodig om discriminatie weg te werken.

Doet België het minder goed dan andere landen in zijn strijd tegen ongelijkheid?

In België viel het me op dat er grote verschillen zijn tussen de manier waarop blank en zwart naar de eigen geschiedenis kijken.

Dominique Day: Het is geen wedstrijd. Ik heb de Amerikaanse nationaliteit en kan zeggen dat mijn land de uitdaging deelt. Ook in de VS worstelen we met ons verleden en met het erkennen van de impact van dat verleden op de maatschappij vandaag. Het verschil met de VS is misschien wel dat Afro-Amerikanen een groter aandeel hebben in de totale bevolking. We hebben ook al meer druk kunnen zetten om het courante discours wat meer in balans te brengen. In België viel het me op dat er grote verschillen zijn tussen de manier waarop blank en zwart naar de eigen geschiedenis kijken.

De slavernij is in mijn land wel erg goed gedocumenteerd. We hadden daardoor misschien meer objectieve bronnen om het discours te onderbouwen. Maar dat neemt niet weg dat er nog erg veel discriminatie en ongelijkheid bestaat in de VS. In ons rapport over de VS spraken we zelfs over een vorm van racistisch terrorisme. Een term die we hier nog niet in de mond hebben genomen. We zien rassendiscriminatie overal opduiken, niet enkel hier.

Hoe komt het dat we blijven worstelen met de donkere hoofdstukken uit ons verleden?

België moet ook de kost van zijn verleden erkennen, namelijk de miljoenen doden en onstabiele Afrikaanse staten die hier misschien nooit helemaal van zullen herstellen.

Dominique Day: Daar is al heel wat onderzoek naar gebeurd. Mensen confronteren met het feit dat ze misschien tot een bevoorrechte groep behoren heeft een psychologische kostprijs. Niemand wil horen dat je successen niet simpelweg je eigen verdiensten zijn. Je eigen verwezenlijkingen in verband brengen met de genocide op miljoenen Congolezen is niet vanzelfsprekend. We willen als mens trots zijn op onszelf, maar ook op onze ouders en voorouders. Onze culturele identiteit hangt samen met die trots, maar die kan niet standhouden als ze niet op de waarheid is gestoeld. België mag trots zijn op zijn positieve bijdragen aan de wereld vandaag. Maar het moet ook de kost van zijn verleden erkennen, namelijk de miljoenen doden en onstabiele Afrikaanse staten die hier misschien nooit helemaal van zullen herstellen.

Ondervond u ook een defensieve reflex op het niveau van onze regering?

Dominique Day: Minister Peeters was zich wel bewust van een probleem en bracht zelf de mistery calls aan als een manier om de discriminatie zichtbaar te maken. Hij erkende alvast het bestaan van discriminatie van mensen van Afrikaanse origine op de arbeidsmarkt.

België is een leider in de strijd voor de bescherming van de mensenrechten en beschikt over alle nodige middelen en mechanismen om met ons rapport iets aan te vangen. Het land moet vooral de confrontatie met het verleden willen aangaan. Maar niets houdt België tegen dit te doen.

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws

Wie het rapport van het vorige bezoek in 2005 naast de bevindingen van deze doorlichting legt leest soms dezelfde opmerkingen. Heeft België in die veertien jaar wel voldoende vooruitgang geboekt?

Dominique Day: Dat is een vraag die België en zijn inwoners zich moeten stellen. Het is niet aan ons. Wij stellen vast. Het is aan de Belgen om te eisen dat hun overheid bestuurt voor iedereen en dus ook voor mensen van Afrikaanse origine.

De toon van dit nieuwe rapport lijkt een pak strenger dan het vorige. Is dit een strategische keuze?

Dominique Day: De samenstelling van het panel is anders. De aanpak van het panel is in vergelijking met 2005 ook wel veranderd. België is in die veertien jaar veranderd. Maar je kan ook zeggen dat België in die tijd onvoldoende is veranderd. Het vernieuwde AfricaMuseum bijvoorbeeld. Er zijn verbeteringen aangebracht. Maar het is gewoon niet goed genoeg. Wij vinden het nodig vinden om een sterk signaal uit te sturen. Dus noem het gerust een wake-up call.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift